Nicosia en Khirokitia (Maandag 19 februari 2001)
Maandagochtend werden we wakker met een prachtig zonnetje.
We wilden deze dag een tocht naar het noorden maken, over
het Troödes-gebergte, door de noordelijke vlakten, naar
Nicosia. En vervolgens via de oostkant weer terug.
Wanneer je vanaf het Troödes-gebergte afdaalt, kom je terecht
op de hoogvlakten met uitzicht op het Kyrenia-gebergte.
Deze bergketen loopt 90 km. door over het noordelijke (turkse)
deel van het eiland en gaan tot 1000 meter hoog. Het turkse
gedeelte is alleen te bezoeken wanneer je rechtstreeks aankomt
in dit deel, of via Nicosia met een dagvisum. Wij waren
er te kort om dit te doen en beperkten ons bezoek met het
bekijken van een VN-grenspost. De sfeer is grimmig ook al
ligt het land er verder verlaten bij en zijn er geen dorpen
in de nabije omgeving te ontdekken.
 Nicosia
is sinds de 10e eeuw de hoofdstad van Cyprus en telt ongeveer
175.000 inwoners. De stad is, net als Berlijn vroeger, verdeeld
door een muur, de Green Line die wordt bewaakt door een
VN-vredesmacht. Op een bepaald moment stapten we per ongeluk
een straatje in waar een ketting over de grond lag. Al snel
hadden we een VN-militair met wapen in de aanslag voor ons
staan die ons vriendelijk, maar zeer dringend, terugbracht
naar het griekse deel. Wisten wij veel! Hadden ze die ketting
maar duidelijker moeten aanbrengen.
Terwijl we onder de muur langsliepen die het griekse deel
van Nicosia van het turkse gedeelte scheidt, werden we kontinu
aangeroepen door turkse Cyprioten die op de muur stonden.
Wat ze wilden, konden we niet verstaan, maar het voelde
wel onplezierig. Na een lange wandeling door het griekse
gedeelte, rustten we nog wat uit in een van de vele parken
die Nicosia rijk is.
Voor wie van musea houdt, is Nicosia zeker de moeite waard
om te bezoeken. Maar ook alleen het ronddwalen door de oude
stad met zijn smalle straatjes is al een belevenis op zich.
 Na
Nicosia namen we kleine weggetjes naar het zuiden, richting
Larnaka. Er is een snelweg tussen deze steden, maar we wilden
nog wat meer van dit gedeelte van het land zien. Op het
laatst moesten we toch nog opschieten, want we wilden ook
de opgravingen bij Khirokitia nog bezichtigen, een van de
belangrijkste opgravingen op Cyprus.
In 1934 werd ontdekt dat in Khirokitia de restanten van
een neolithisch dorp lagen. Dit dorp dateert uit minstens
6.800 jaar v.C. Door de ligging was het gemakkelijk te verdedigen
en de grond is er vruchtbaar. Het grote aantal landbouwwerktuigen
die er gevonden werden, duidden er op dat het waarschijnlijk
een permanente nederzetting van boeren was, al jaagde men
ook op wild. Er is een rekonstruktie te zien van de huizen
die men toendertijd bouwde: ronde gebouwen van leem. De
onderkant van de huizen werd opgebouwd uit keien uit de
rivier en daar bovenop werden stenen van leem geplaatst.
Wanneer een huis instortte werd het nieuwe huis er gewoon
bovenop gebouwd. Overledenen werden begraven in de bodem
van de huizen zelf.
Tegen de heuvel op kan men de fundamenten van een groot
deel van het dorp zien en hoe dit gelaagd tegen de helling
op gebouwd was in een soort bijenkorf-vorm. Het is wat verwarrend
want er zijn uit verschillende periodes 5 lagen van fundamenten
blootgelegd.
Tegen 7 uur 's avonds reden we weer terug naar Platres.
De lucht begon flink te betrekken, maar de temperatuur was
nog heel aangenaam. Prettig genoeg om bij Alassa (tussen
Limassol en Platres in het Troödes-gebergte) nog even te
picknicken in de buitenlucht. Maar de weersberichten voor
de dagen erna bleken heel wat minder goed te zijn: de temperatuur
zou flink dalen, misschien wel tot het vriespunt. Veel kans
op regen terwijl we net weer een beetje gewend waren aan
veel zon en het lopen in T-shirt. Maar goed, we waren hier
niet alleen voor het klimaat, maar vooral om het land te
zien dus besloten we er hoe dan ook van te genieten...
vorige
reisverslag | volgende
reisverslag
|