Een wereldreis is ook werk! (22-6-2001)
Degenen die denken dat een wereldreis één
grote vakantie is, moet ik bij deze teleurstellen. Het is
niet alleen heel erg afzien, maar gewoon een 80-urige werkweek
waarbij je de overuren niet eens betaald krijgt. En voor
de ongelovigen onder jullie ga ik in mijn nu volgende betoog
hier uitgebreid op in.
Het is een zonnige dag in de maand juni, het jaar 2001.
Jeroen gaat samen met Yishai (wederom een nieuwe Israelische
troepenmacht) op pad naar Vilcabamba, omdat het daar volgens
de berichtgevingen van andere reizigers goed vertoeven is.
En hoewel ik altijd erg goed van vertrouwen ben, had ik
het in dit geval beter niet kunnen zijn.
Bij aankomst krijgen we een rondleiding over het complex
van ons hotel. Allereerst worden we naar onze kamer gebracht
die twee bedden bevat met supperdikke matrassen, een TV,
een ghettoblaster, een privébadkamer en muskietennetten.
Je begrijpt natuurlijk wel dat we enorm geschokt waren door
het gebrek aan luxe in onze kamer. Een beetje budgetreiziger
verwacht toch wel wat meer voor zijn zuurverdiende geld
(of het zuurverdiende geld van zijn ouders).
 Vervolgens
vallen we van de ene schok in de andere, want de rondleiding
gaat verder met de andere services die bij de 10 US$ per
dag inbegrepen zijn. Een sauna, turks stoombad, zwembad
met glijbaantje, pool, tafeltennis, tafelvoetbal, darts,
ontbijt, diner en tegen een kleine bijbetaling kan je ook
massages, facials en andersoortige zaken ondergaan. Gewoonweg
schandalig nietwaar? Ik ben best bereid om back-to-basic
te gaan tijdens mijn wereldreis, maar zo erg basic was ook
weer niet de bedoeling.
 Met
pijn en moeite komen we de dagen door. Een beetje in het
bubbelbad zitten, zwemmen, lezen, puffen in het turks stoombad
en uit pure wanhoop maar weer een keertje in de zon liggen.
De avonden zijn nog zwaarder, want dan kan je alleen maar
films naar keuze kijken, poolen, tafeltennissen en nog meer
van dat soort zware werk. Ja, ik kan het jullie horen denken,
ARME JONGENS! En jullie wilden me eerst niet geloven dat
een wereldreis echt zo gemakkelijk nog niet is.
Na vier dagen marteling en hard werken is het dan eindelijk
zover en kunnen we de hel op aarde verlaten om weer in onze
'normale baan' terecht te komen. Eindelijk mogen we weer
lopen met onze 70-liter rugzakken tesamen met een dagrugzakje
en kunnen we 15 uur in de bus zitten met beenruimte waar
een pygmee zijn neus voor zou ophalen. Natuurlijk zijn dat
de leukere dingen van de wereldreisbaan (de mooie secundaire
arbeidsvoorwaarden zal ik maar zeggen), maar alles bijelkaar
genomen lijkt het me reeël om te zeggen dat het leven
van een budget(wereld)reiziger niet over rozen gaat!
Opmerking: Mocht je ook dagelijks in zo'n hel willen leven,
dan kan je contact opnemen met Jaime Ludeño, de eigenaar
van Las Ruinas de Quinara. Hij is op zoek naar een verscheidenheid
aan mensen waaronder een manager, marketingmedewerker en
masseuses. ( lasruinasdequinara.com
)
vorige
reisverslag | volgende
reisverslag (Peru)
|