Kuching (23 & 24 september 2001)
Nadat we door de douane heen zijn gegaan worden we opgevangen
door Miquel, onze reisbegeleider voor de komende drie weken.
We rijden met de bus naar het Borneo hotel in Kuching en
onderweg worden de namen van iedereen al druk uit het hoofd
geleerd.
Een van de eerste dingen waar ik aan moet wennen is dat
het 'luchtige' Nederlandse klimaat heeft plaatsgemaakt voor
een veel drukkender en benauwder tropisch klimaat. De temperatuur
ligt rond de 35 graden en de luchtvochtigheid is zo'n 90
tot 95%. Het is vandaag ook redelijk onbewolkt en met de
zon zo hoog boven je (we zitten vlakbij de evenaar) leer
je het snel af om pal in de zon te blijven. We zijn maar
heel even in de zon geweest voor het hotel en ik zag direct
al dat ik aan het verbranden was. Een van de belangrijkste
tips die Miguel ons dan ook meegeeft is : "Als je sneller
loopt dan een Maleisiër, loop je te snel". Het is even wennen
om ons aan deze tip te houden want we zijn toch gewend om
flink door te stappen.
 We
dwalen wat door Kuching heen en na een tijdje raken we al
aardig gewend en passen we ons tempo ook steeds meer aan.
's Avonds gaan we met zijn allen eten op het dak van een
parkeergarage. Hier bovenop is een halve overkapping gemaakt
waar diverse kleine visrestaurantjes te vinden zijn. De
knoflook komt je tegemoet en iedereen kan zelf de vis en
groenten uitkiezen die men wil hebben. Hier word ik direct
geconfronteerd met de eerste oerwoudgroente, varens, die
mij qua smaak doen denken aan zeekraal.
De volgende dag hebben we nog genoeg tijd om Kuching zelf
te bekijken. We bezoeken het Sarawak Museum waar we een
goed beeld krijgen van alle dieren die voorkomen in de jungle
en de diverse bevolkingsgroepen. Wat mij verder opvalt is
dat het eten een belangrijke plaats inneemt bij de lokale
bevolking. Door de hele stad is veel laagbouw te vinden.
Er zijn woonruimtes op de eerste verdiepingen en daaronder
zitten kleine winkeltjes met diverse eettentjes. Deze winkels
bestaan vaak alleen uit een soort grote garage met alleen
witte muren, een paar TL balken en ventilatoren. De hele
dag door zijn er wel mensen te vinden in de kleine eettentjes.
Door de verschillende culturen heb je ook zeer veel keus
in voedsel. Ook bij de lokale markt is er genoeg te zien
en te doen. Diverse oerwoudgroente en vis ligt uitgestalt
op de vele kraampjes bij het water.
Het is ook goed te merken dat het dagelijks leven zich bij
deze winkeltjes en eettentjes afspeelt. De verkopers staan
voor hun winkel en maken diverse praatjes met de lokale
bevolking. Ook zitten er veel mensen op een kleedje op de
stoep met allerlei oerwoudgroente voor de verkoop.
De mensen zijn erg vriendelijk en zeker niet opdringerig
als het gaat om het aanprijzen van hun producten. Het valt
wel op dat we ongeveer de enige (blanke) toerist zijn. We
worden 'aangegaapt' door iedereen en het lijkt wel of we
iets heel bijzonders zijn. Jehe, onze lokale gids laat ons
ook weten dat als je blank bent je erg knap bent in Maleisië.
Terwijl de meeste Nederlanders moeite doen om een kleurtje
te krijgen in de zomer, probeert de bevolking daar er zo
blank mogelijk uit te zien.
We maken nog een oversteek naar fort Margherita waar je
een mooi uitzicht hebt op Kuching. Rond 16.00 uur keren
we terug naar het hotel waar we onze rugtas inpakken voor
de eerste trektocht maken door de jungle.
volgende
reisverslag
|