San Cristóbal de las Casas, vrije dagen (11 & 12 oktober
1999)
Het weer vandaag was bewolkt en een beetje fris, maar we
zitten dan ook op 2100 meter hoogte. San Cristóbal is de
vroegere hoofdstad van de Mexicaanse staat Chiapas. De plaats
heeft de gemoedelijke bedrijvigheid van een uit de kluiten
gewassen bergdorp, waar dagelijks vele indianen uit de omliggende
Tzeltal- en Tzotzil-dorpjes komen om hun waren te verkopen.
Aangezien ieder dorp zijn eigen kleurrijke klederdracht
heeft, is een bezoek aan de markt erg boeiend. De meeste
indianen hier spreken uitsluitend een van de Maya afgeleid
talen.
Opvallend is dat de Mexicanen hun land zo vervuilen. De
Rio Grande lag vol met plastic flessen, jerrycans, verpakkingsmaterialen
enz. Een keer per week wordt kilo’s vuil uit het water gehaald.
Ongelooflijk.
 Hoogtepunt
van ons verblijf in San Cristóbal was het kerkje in het
Indiaanse dorp Chamula in de buurt van San Cristobal. Hier
zie je duidelijk een vermenging van het katholicisme en
oude Indiaanse religies. Alle mensen kunnen hier op elk
gewenst moment “bidden” bij de patron van hun keuze.
In de kerk staan een stuk of 6 levensgrote beelden, waaronder
Maria, met een spiegeltje om hun hals, zodat je jezelf in
hen kan herkennen. De mensen in de kerk drinken vuurwater
of cola, waardoor je je zonden zo lekker kan opboeren. Er
branden duizenden kaarsen in het kerkje en de vloer is bezaaid
met dennenaalden, wat een heel merkwaardig gedempt geluid
geeft en een heerlijke geur. Heel erg indrukwekkend. Het
is strikt verboden binnen de kerk en religieuze rituelen
te fotograferen. Overtreding hiervan wordt zwaar bestraft!
We hebben in San Cristóbal gegeten bij Madre Tierra, een
echte aanrader. Drie gangen voor ongeveer 11 gulden. Vergeet
het bakkertje ernaast niet, wat een heerlijkheden lagen
daar uitgestald zeg.
vorige
reisverslag | volgende
reisverslag
|