Een hemelse tocht met Jesús (4-7-2001)
Na twee dagen Lima houden Robert en ik het voor gezien
en begeven we ons met de bus richting Pisco. Na een uurtje
of vier komen we daar aan en nog geen minuut later worden
we alweer belaagd door een enthousiaste menigte. Uiteraard
heeft iedereen het beste hotel met de laagste prijzen en
dus besluiten we eerst even rustig onze bagage loopklaar
te maken voordat we de verkooppraatjes van de toeristenjagers
willen aanhoren.
Ons oog valt op een jongen die met folders van Hotel San
Isidro zwaait en ons in het nederlands aanspreekt. Persoonlijk
waardeer ik dat laatste niet zo, want ik heb niet voor niets
Spaans geleerd en als ik nederlands wil horen in het buitenland,
dan ga ik wel richting de Costa del Sol. Niettemin staat
het hotel goed aangeschreven in mijn reisboek en aangezien
de Footprint het tot nu toe in 95% van de gevallen bij het
rechte eind heeft gehad, gaan we met hem mee. Hij stelt
zich voor als Jesús (23) en samen met een Duits stel
begeven we ons naar het hotel.
Na de rugzakken op onze kamers te hebben gezet, nodigt Jesús
ons vieren uit om wat uitleg te krijgen over Pisco, de omgeving
en de mogelijke excursies. Voor hij ook maar iets vertelt
haalt hij een schrift tevoorschijn met daarin aanbevelingen
van andere toeristen uit alle mogelijke landen. Tevens heeft
hij een bandrecordertje bij zich met een cassette waarop
een aantal gesproken aanbevelingen te horen zijn. We luisteren
naar de nederlandse aanbeveling en lezen wat in het schrift
om al snel tot de conclusie te komen dat deze jongen zijn
zaakjes zeer goed voor elkaar heeft.
Na 15 minuten verkondiging van 'de leer van Jesús'
zijn we zo onder de indruk dat we ons, tesamen met het Duitse
stel, direct aanmelden als zijn nieuwe discipelen. Om als
waar discipel te worden bestempeld dienen we eerst een inwijding
te ondergaan. Deze zal onder meer bevatten:
-een tour naar de Islas Ballestas (ook wel 'Poor Man's Galapagos'
genoemd);
-een excursie naar Paracas National Reserve nabij Pisco;
-een dag en nacht in een oase (Huacachina) nabij Ica waar
je kan sandboarden in de torenhoge duinen;
-vervoer in een Amerikaanse slee naar Nazca;
-een dag en nacht in Nazca met ond er
meer een bezoek aan een pre-Inca begraafplaats, een goudverwerkings
familiebedrijfje en een lokale pottenbakkerij.
Om ons goed voor te kunnen bereiden op de proeven die ons
te wachten staan, gaan we eerst wat eten en vervolgens op
tijd naar bed. Uitgerust staan we de volgende ochtend op
en vallen we aan op ons 'desayuno Americano'. Na het ontbijt
rijden we met een minibusje naar Pisco Beach om daar met
een speedbootje richting Islas Ballestas te varen.
 Tijdens
het bootripje kunnen we een grote tekening in één
van de duinen onderscheiden. Hoewel het volgens de gids
´El Candelabro' (De Kandelaar) wordt genoemd, zou
het volgens lokale mensen ook een cactus kunnen voorstellen.
Ons interesseert de naam niet zoveel, want het is gewoonweg
indrukwekkend om te zien.
Eenmaal El Candelabro gepasseerd, krijgen we de Ballestas
Eilanden in zicht. Binnen een minuut of vijf is het ons
geheel duidelijk waarom deze eilanden ook wel 'Poor Man's
Galapagos' worden genoemd. Om en op de rotsformaties die
deel uitmaken van de eilanden zitten massa's zeeleeuwen,
vogels, pinguins en andersoortige fauna.
 Gedurende
de drie kwartier varen rondom de eilanden kijk ik mijn ogen
uit en mijn fototoestel zijn lensje. Net als je denkt 'het
kan niet beter!', ga je een bochtje om en zie je nog meer
dieren. Toen ik al die honderden zeeleeuwen zag zwemmen
en liggen, kwam onwillekeurig de gedachte bij me op dat
Leny 't Hart hier niet snel een baan zou vinden. Voor mijn
gevoel is de tocht veel te snel voorbij en zet de speedboot
koers richting Pisco Beach.
 Na
de lunch in Pisco Beach stappen we weer de bus in om naar
het Paracas National Reserve te gaan. Na een korte busrit
komen we aan bij het museum van het PNR en een uitkijktoren
op zo'n 150 meter van de Baai van Paracas. Vanuit hier zouden
we flamingos behoren te zien die zich in de baai tegoed
doen aan de vissen aldaar. Met enige pijn en moeite kan
ik met mijn nieuwe verrekijker (kadootje van Hanane) de
flamingos onderscheiden. Niettemin is dit niet wat ik me
erbij had voorgesteld. Een beetje dichterbij was leuker
geweest. Na de flamingos bezoeken we nog even het aanwezige
kleine museum. Hier zien we onder andere de vervormde schedels
van enkele pre-Inca beschavingen.
(Pre-Inca is gedurende de hele week HET favoriete woord
van Robert en mij. We denken na over hoe we het thuisfront
in hemelsnaam moeten uitleggen dat veel van de dingen die
we bezocht en gezien hebben niet van de Incas waren, maar
van pre-Incas. En dat die Incas eigenlijk een stelletjes
jatkezen waren, gewoon niet normaal meer. Een beetje alle
leuke technieken (en andere zaken) jatten van voorgaande
beschavingen en overwonnen volkeren om vervolgens met de
eer te gaan strijken. In Amerika waren ze al lang aangeklaagd
geweest, schadevergoedingen geëist, en was de impeachment
procedure ingezet.)
Na het museum is de volgende stop een klein vissersplaatsje
in het PNR. Een haai voor lunch en een aantal pelikanen
later verlaten we de haven van het pittoreske plaatsje.
Terug bij het hotel informeert Jesús of alles naar
wens is verlopen en of we klaar zijn voor de nieuwe beproeving
die de volgende dag zal plaatsvinden. Na hierop bevestigend
te hebben beantwoord gaat ieder zijn eigen weg en breekt
de nieuwe dag al snel weer aan.
vorige
reisverslag (Ecuador) | volgende
reisverslag
Dit reisverslag is een verkorte versie uit wereldtrip.com,
een wereldreis van Jeroen Uittenbogaard
|